"Oos Naer 38" (jaargang 10, nr. 38, december 2008)

Op de voorkant van uitgave nr.38 zijn twee amateurarcheologen in de jaren zestig van de vorige eeuw aan het werk op de Boshei in Neer. Links is Harrie Verhaeg en daarnaast is Sjeng Beeren.In deze uitgave staat een groot artikel dat gewijd is aan het Mesolithicum (Midden-Steentijd) in Neer.Het betreft de periode van 8800-4900 jaar voor Christus.

"Asj d'r èns wiltj loestere" (redactie)

De redactie geeft aan waarom besloten is om 'Oos Naer' in een nieuw jasje te steken. Na bijna 10 jaar is hier onder meer toe besloten om meer mogelijkheden te hebben foto's van allerlei formaat te kunnen plaatsen, maar ook om de leesbaarheid te vergroten door een iets groter lettertype en de tekst in twee kolommen per pagina te zetten.Enkele interessante artikelen vullen deze uitgave, waaronder een interview met drie mensen van het eerste uur in het kader van 10 jaar heemkundevereniging, een verhaal over het gezin Winkelmolen tijdens de oorlogsjaren, het verhaal van een Kerstkindje, een uitgebreid archeologisch stuk over de periode van het Mesolithicium in Neer, 'Oos Noets' van april 1948 (het nieuws voor de Neerse soldaten in Ned.-Indië) en een artikel over de thans functionerende werkgroepen binnen de vereniging.De bekende rubrieken 'Neer, vroeger en nu' en 'Wie weet: wie, wat, waar en wanneer?' completeren deze mooie uitgave.

"Tien jaar Heemkundevereniging Oos Naer" (Egbert Hanssen)

Na 10 jaar heemkundevereniging heeft redactielid Egbert Hanssen een interview gehouden met drie mensen van het eerste uur, te weten: Jo Beeren, Jos Silvrants en oud-Neerenaar Jos Geraets. Zij waren al langer bezig met familiegeschiedenissen en de historie van Neer.Jo Beeren, voorzitter van de vereniging en in verschillende werkgroepen actief betrokken, was (en is nog) een verzamelaar van ansichtkaarten met alles wat met Neer te maken had en later ook daarbuiten. Uit de vele kaarten bundelde hij een serie onder de titel  'Neer in oude ansichtkaarten' die in boekje werden uitgegeven.Jo maakte eind jaren negentig van de vorige eeuw een boekje naar aanleiding van het vijftigjarig bestaam van buurtvereniging Brumholt. Amateurhistoricus Jos Geraets hielp hem daarbij. Zo ontstond al een samenwerking tussen beiden, die even later met nog enkele andere personen zou leiden tot de eerste gesprekken over een op te richten heemkundevereniging.Jos Silvrants werd erbij betrokken en met het vrijkomen van het voormalige raadhuis in Neer dacht men diect aan een locatie waar de heemkunde van start zou kunnen gaan. Het 'Raodhoes' kreeg echter een horecafunctie.In maart 1999 werd een eerste bijeenkomst georganiseerd in café 't Klumpke waar 35 personen aanwezig waren. Er moesten statuten komen en een huishoudelijk reglement. Aan het einde van de avond had de heemkundevereniging er 22 nieuwe leden bij.In september 1999 verscheen het eerste nummer van 'Oos Naer' met een groot verhaal over de kermis in Neer door de jaren heen en een stukje familiegeschiedenis van Verrijte Sjeng. Daarnaast was er 'Een verhaal uit de oude doos', een artikeltje over kruisen en kapellen en het eerste artikeltje in een reeks over 'Neerse testamenten' (over het testament van Gerard Struis van 17 augustus 1759).Het boekje werd op de school bij directeur Tjeu Scheepers gekopieerd. Maar liefst zestig pagina's telde het boekje! Toen het gevouwen en vastgeniet moest worden, bleken de pagina's door de dikte van het boekje ongelijk te liggen. Daarna moesten ze weer afgesneden worden. Waat eine 'oozel'!Dit boekje, dat snel "uitverkocht" was, was mede aanleiding voor een grote toeloop van nieuwe leden. Ook op de boekjes die zouden volgen, kreeg de vereniging veel lovende reacties.

"De oorlogsjaren van het gezin Winkelmolen" (Har Winkelmolen)

In dit artikel schrijft Har van Harrie van Fuus Driek (Har Winkelmolen) een indrukwekkend verhaal over zijn oorlogsbelevenissen als kind en jongen.Har schrijft in het voorwoord, dat hij zich vaak had voorgenomen om zijn belevenissen in de jaren 1939 tot 1945 op papier te zetten en op deze manier de nakomelingen te vertellen wat er allemaal gebeurd was in die oorlogsjaren.

In een 13 pagina's groot verhaal met daarbij ook vele foto's krijgt men een goed beeld van wat het gezin Winkelmolen heeft meegemaakt. Har geeft ook aan dat alles wat hij beschreven heeft niets betekent tegenover andere families, die een gezins- of familielid door oorlogsgeweld hebben verloren.

Het verhaal begint met de mobilisatie in 1939. Harrie, de vader van Har, moest zich melden op vliegveld Iepenburg. Hij liet zijn zwangere vrouw met drie kinderen achter en zijn schoonouders. Harrie kwam in het begin geregeld met verlof. Zijn dochter geboren werd, maar zij heeft slechts kort geleefd. Zij stierf aan longontsteking.

De inval van de Duitsers op 10 mei 1940 maakte grote indruk bij Har, de schrijver van het artikel. Voorasl het binnentrekken van de Duitsers met het oorlogstuig trok veel bekijks.

Waar vader Harrie was en hoe hij het maakte, was een grote vraag voor de mensen die in Neer moesten achterblijven.

In de oorlogstijd ging het leven, zo goed als het kon, gewoon door. Weliswaar veel zaken op de bon, maar ook momenten van spanningen bij bombardementen.

Ook wordt beschreven hoe onderduikers onderdak kregen bij mensen in Neer, de razzia van 8 oktober 1944, de evacuatie en natuurlijk de bevrijding.

Een prachtig verhaal dat een heel goed indruk geeft over de oorlogsjaren in een gewoon gezin in Neer.

"Het verhaal van een Kerstkindje" (Zuster M. Baptiste)

Dit verhaal is in de Kerstnacht van 1976 in Rome geschreven door Zr. Marie Baptiste O.S.U. en opgedragen aan de hongerkindjes van de wereld.Zuster Marie Baptiste werd geboren te Neer in 1935 als Anna Maria Elisabeth (Anny) Cuijpers. Haar vader was "Meister Kupers", hoofd van de Bijzondere Lagere Jongensschool te Neer.Anny trad in 1957 in bij de Zusters Ursulinen te Boxtel en deed in 1960 haar eerste professie als zuster Maria Baptiste. Na drie jaar religieuze vorming in Frankrijk vertrok ze in 1963 naar Brazilië.In 6 hoofdstukjes vertelt de zuster hoe ze de Alexandra, het meisje aantrof in alle ellende, dat als voorbeeld zou dienen voor haar verhaal, een weerloos hoopje mens, een hongerkindje.Uiteindelijk knapte ze na een langere periode zodanig op. Het eerste glimlachje als teken van contact bleek een onwisbaar moment te zijn voor zuster Marie Baptiste.Dit verhaal past goed in deze tijd van bezinning op de geboorte van Jezus en de betekenis voor ons geloof.

"Neer, vroeger en nu" (Koos Luijten)

Het kasteel Ghoor op de tekening hiernaast is aan het einde van de 14de eeuw gebouwd.Het was een riddermatig gebouw met drie hoektorens. 'Riddermatig' wil zeggen dat het gebouw voldeed aan de voorwaarden die voor het lidmaatschap van het ridderschap waren gesteld.Links zien we de hofstede, waarin de boerderij en verdere bedrijfsgebouwen waren gevestigd. In het midden was de kapel, die in 1772 tijdens een hevige storm is ingestort en niet meer herbouwd werd. Rechts staat het mooie  kasteel afgebeeld, dat einde 18de eeuw in een zeer slechte staat verkeerde en vanaf 1790 werd afgebroken..

Het geheel was nog omgeven door een achtvormige gracht. 

Links zoals Ghoor er nu bijligt. In 1836 werd het puin geruimd en werd de tegenwoordige boerderij gebouwd.

In 1906 kocht Theodorus Neelen de boerderij Ghoor van de familie Boonen.

Nadat er drie generaties Neelen er een boerenbedrijf gerund hadden, is de voormalige boerderij sinds mei 1998 eigendom van de familie Graef.

Het woonhuis, met in de gevel muurankers met het jaartal 1668, werd in 2005 en 2006 volledig gerenoveerd.

Op het woonhuis staat nog steeds een klokkentorentje.

"Uit Neerse bodem: Het Mesolithicum in Neer" (Leon Lenders)

In dit artikel beschrijft Leon Lenders een complete prehistorische cultuur, het Mesolithicum ofwel de Middeen-Steentijd (8.800-4.900 jaar voor Chr.).Deze periode is voor Neer zo bijzonder, omdat er zich binnen 'ons grondgebied' niet minder dan vier vindplaatsen van stenen voorwerpen van deze prehistorische periode bevinden. De vindplaatsen bevinden zich op de Kappert, de Boshei, de Brookberg en de Beukel.De schrijver van dit artikel wil een indruk geven van onze vroegere voorouders die hier ongeveer 10.000 jaar geleden geleefd hebben.Wat ons nog aan hen herinnert, zijn hun stenen gebruiksvoorwerpen die door enkele Neerse amateur-archeologen in de loop der tijd zijn verzameld.De afgebeelde voorwerpen in dit artikel zijn afkomstig uit de collecties van Sef Silvrants, Harrie Verhaeg, Sjeng Beeren en de schrijver Leon Lenders.Reeds in de jaren '30 waren verzamelaars in Neer en omgeving actief met het speuren naar archeologische voorwerpen. Een van hen was meester Mertens, destijds hoofd van de lagere school in Nunhem. Samen met Driek Beeren van 'Gerheggen' hoorde hij tot de eerste generatie van 'steentjeszoekers'.Rond de jaren '50 zette Sjeng Beeren, van Brumholt, het pionierswerk van zijn oom Driek voort, samen met Sef Silvrants en Harrie Verhaeg.De collecties van Harrie Verhaeg en Sjeng Beeren bevinden zich binnen de familie; die van Sef Silvrants in zijn 'eigen museum' oppe Waog.Het zijn verzamelingen waar menig museum jaloers op zou zijn. Ze geven een totale indruk van de prehistorie in onze streek. Misschien dat ze ooit nog eens in Neer een permanent onderkomen zullen krijgen.
In dit artikel staan naast recente foto's van de vindplaatsen, maar ook tekeningen, die laten zien hoe onze voorouders destijds geleefd hebben.
Ook de vindplaatsen en tal van afbeeldingen van gebruiksvoorwerpen (spitsen, klingen, schrabbers en bijlen) worden beschreven.

"Oos Noets (april 1948)" (redactie door Tjeu Hermans)

In dit nummer 38 van Oos Naer gaan we, met Oos Noets van april 1948, terug in de tijd. Een beetje ingewikkeld, maar dat komt omdat we, zoals in het voorgaande nummer 37 al gezegd, de nummers april 1948 en maart, april, juni en september 1949 pas hebben gekregen, toen we deel 2, het verdere vervolg van Oos Noets, al gepubliceerd hadden.Dit nummer, april 1948, sluit dus aan op het eerste nummer van Oos Noets dat we in nummer 31 van Oos Naer in maart 2007 publiceerden. De nummers maart, april, juni en september 1949 van Oos Noets volgen in de komende uitgaven van Oos Naer.Hopelijk drukt deze complicatie de pret niet en neemt u de draad gewoon weer op.In deze uitgave van de studenten, die hiermee de Neerse soldaten in Indië ondersteunden, wordt de diamanten bruiloft van Martinus Kuijpers (Leuve Merte) en Gertrudis (Truke) Peeters beschreven, die in het St. Josephklooster destijds werd gevierd vanwege het feit dat de zusters (4 gezusters van Leuve Merte waren in het klooster) volgens de regels van het klooster na hun professie nooit meer naar hun geboortehuis mochten terugkeren.Het was een grote gebeurtenis destijds met de serenades van de zangvereniging en de fanfare.(Deze gebeurtenis is ook beschreven in de serie '125 jaar geleden kwamen de zusters naar Neer' in Oos Naer, jaargang 4, nr.13, februari 2002, pagian 6.)Gieërla Timmermans (Gieël van Toon) stuurde vanuit Bandoeng een gelukstelegam naar de familie Kuijpers.Allerlei 'wist-u-datjes' uit april 1948 worden aangehaald, waaronder het feit dat in samenwerking met de voetbalclub een sportclub RKSVN is opgericht(zie foto hiernaast!)De studenten deden op 1 april 1948 mee aan een voetbaltoernooi in Reuver. Daar wisten ze na een spannende finale met penalties te winnen en brachten zo de beker mee naar Neer.Nieuws uit het verenigingsleven (o.a. ruiterclub, fanfare, zangvereniging voetbalclub, Jonge Boeren, Werktuigencoöperatie en verdere verenigingen) is kort samengevat weergegeven.

"Wie weet: wie, wat, waar en wanneer?" (redactie)

Het is voor de redactie fijn dat er mensen zijn die reageren op onze foto's in deze rubriek. Zo reageerde Piet Stemkens op de vorige foto. Piet is een trouwe lezer van ons periodiek. Hij kruipt vaak in de pen om ons van een en ander verhaal te voorzien, zoals zijn 'Sterke stökke'.Met verhalen van vroeger illustreert hij hoe de meesters reageerden op de school en wat bepaalde personen te vertellen hadden.Hij schreef naar aanleiding van de vorige foto een heel stuk over 'meister Tummermans', een geliefd onderwijzer in Neer.Voor deze keer de volgende vragen:Wie herkent de personen op deze foto? Wanneer is de foto gemaakt?Weet u de antwoorden, stuur een reactie naar: redactie.oosnaer@home.nl

"De werkgroepen van Oos Naer" (redactie)

      In dit gedeelte van deze uitgave worden de werkgroepen belicht. Er wordt beschreven wat ze doen en met welek projecten men bezig is.Maar liefst zeven werkgroepen zijn actief binnen de vereniging.De Werkgroep Historisch Beeld- en Geluidmateriaal houdt zich bezig met verzamelen van foto's, films, prenten, tekeningen, ansichtkaarten en geluidsfragmenten, gericht op de historische waarde van het verzamelde.De Werkgroep Stamboomonderzoek profileert zich sinds korte tijd op de website van onze vereniging waar de mogelijkheid wordt geboden naar genealogische gegevens te zoeken. Men kan gegevens van overledenen vinden die op ons kerkhof zijn begraven a.d.h.v. aangegeven graven. Bidprentjes worden hierbij ook betrokken.De Werkgroep Monumenten, die ruim een jaar geleden van start ging, houdt zich bezig met het in kaart brengen van monumentale objecten in Neer. Naast de acht rijksmonumenten die Neer bezit, wordt gekeken of er in de toekomst ook monumentale gebouwen zijn die door de gemeente gezien worden als gemeentelijke monumenten.De Werkgroep Indiëgangers bestaat al ruim vijf jaar en met drie personen is dit één van de kleinere werkgroepen binnen de vereniging. Zij houdt zich bezig met het verzamelen van gegevens m.b.t. de Indiëgangers uit Neer en met oud-Indiëgangers, die in Neer zijn komen wonen.De Werkgroep Deportatie is in januari 2004 opgestart om binnen Midden- en Noord-Limburg de 60-jarige herdenking in oktober 2004 mee te organiseren. De voorbereiding bestond uit een tentoonstelling en een herdenkingsavond (met onthulling van een herdenkingsplaquette).De Werkgroep Krantenknipsels verzamelen krantenknipsels en vormen zodoende een belangrijke informatiebron voor de vereniging. Knipsels uit kranten, landelijke dagbladen, tijdschriften, periodieken worden hiervoor nagekeken.De Werkgroep Publicaties zorgt onder meer voor het uitkomen van ons periodiek 'Oos Naer'. Daarnaast houdt deze groep zich bezig met het samenstellen van boeken, artikelen, brochures e.d. De website en de informatie op de regionale omroep zijn voor de vereniging ook bronnen om van zich te laten horen.